Biografie van Blur
Opgericht:
1989 te London, Engeland.
Bandleden:
Damon Albarn, Alex James, Dave Rowntree en (voorheen) Graham Coxon

Op 14 augustus 1995 brachten zowel Blur als Oasis hun single uit. Dit resulteerde in een ware ëBattle of the bandsí. Blur won uiteindelijk en verkocht 58.000 platen meer. Damon Albarn van Blur is ook dÈ man achter 'Gorillaz' en 'The Good The Bad and The Queen'.
Blur werd in 1989 in Londen opgericht onder de naam Seymour. In de beginperiode bestond de band uit zanger/toetsenist Damon Albarn, gitarist Graham Coxon en bassist Alex James. Later sloot ook drummer Dave Rowntree zich bij het drietal aan. Toen ze een platencontract kregen moest Seymour haar naam veranderen en ging de band als Blur door het leven.
De eerste singles, She's So High en Thereís No Other Way, werden direct hits in Engeland en waren bovendien terug te vinden op het debuutalbum Leisure uit 1991. Ondanks goede recensies werd de band geplaatst in de achteruitgaande popscene van Manchester. Dat was de reden dat Blur op de volgende plaat besloot een totaal andere muzikale richting in te slaan. De single Popscene was steviger dan de nummers op Leisure, met punkinvloeden en veel blazers. De nieuwe koers haalde echter weinig uit en de single bleef nagenoeg onopgemerkt.
Vervolgens deed Blur bijna twee jaar over een opvolger voor Leisure. Het nieuwe album, Modern Life Is Rubbish, werd in eerste instantie afgekeurd door de platenmaatschappij, omdat er geen hit opstond. Nadat de nummers For Tomorrow en Chemical World waren toegevoegd werd de plaat alsnog uitgebracht. De platenmaatschappij wilde dat Blur het album opnieuw opnam, dit keer met producer Butch Vig (bekend van Nirvana en Sonic Youth), maar Blur weigerde.
In 1994 verscheen Blurs derde album, Parklife, dat direct de eerste plaats in de Britse charts bereikte en er voor zorgde dat de leden van Blur de sterrenstatus bereikten in hun thuisland. Ook in andere Europese landen en in de Verenigde Staten sloeg het album aan, evenals de singles Girls & Boys en To The End. Het succes van Blur zorgde voor de opkomst van veel Britse gitaarbands, waaronder Oasis, Pulp, Supergrass en de Boo Radleys. Parklife werd in veel landen platina en Blur speelde voor uitverkochte stadions. De opvolger The Great Escape moest het echter afleggen tegen de grote populariteit van Oasis in dezelfde periode. Zowel in Groot-BrittanniÎ als in de rest van Europa en de Verenigde Staten moest Blur het afleggen tegen Oasis.
Door het gebrek aan succes en veel negatieve kritiek viel Blur in 1996 bijna uit elkaar. Desondanks besloten de bandleden in 1997 toch weer aan een nieuw album te gaan werken. Dit keer gebruikte Blur vooral veel inlvoeden uit de Amerikaanse indie rock, waar Graham Coxon al jaren een groot liefhebber van was. Dit naamloze album werd goed ontvangen, maar was in Europa commercieel gezien niet zoín heel groot succes, ondanks de hitsingle Song 2. Het publiek accepteerde de nieuwe muzikale koers van Blur niet. In de Verenigde Staten leidde het wel tot een doorbraak.
Het zesde album heette 13 en verscheen in 1999. Daarna ging zanger Damon Albarn zich richten op enkele andere projecten, zoals The Gorillaz waar hij met onder anderen Del Tha Funkee Homosapien en Dan The Automator deel van uitmaakte. In 2008 verschijnt Journey to the West, onder de naam Monkey, alweer een Albarn project.
» Luister nu naar Kink FM, hét radiostation van Blur.
» Bekijk meer biografieën van artiesten
2010
2009
2008
2007
2006
2005
2004
2003


